Thumbnail

De oproep van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu om als vrijwilliger te helpen bij het meten van stikstofdioxide (NO2) in hun tuin heeft veel aanmeldingen opgeleverd. We hebben 20 vrijwilligers geselecteerd en  alle geselecteerde deelnemers hebben inmiddels bericht gekregen. De komende tijd plaatsen de deelnemers de meetbuisjes in hun tuin. Hartelijk dank voor alle enthousiaste reacties! 

Dankzij de vrijwilligersmetingen kan het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu het beeld van de luchtkwaliteit in Nederland nauwkeuriger en gedetailleerder maken. De vrijwilligersmetingen zijn een aanvulling op het al bestaande NO2-buisjesmeetnet waarmee het RIVM de modellen controleert. Ook worden een aantal MAN meetpunten uitgerust met deze NO2-meetbuisjes. Het MAN is het meetnet ammoniak in natuurgebieden

Het RIVM gebruikt al deze meetresultaten om de rekenmodellen te staven die de basis zijn voor belangrijke rapportages over de luchtkwaliteit. Naast de eigen metingen gebruikt het RIVM hiervoor ook de metingen van luchtmeetnet.nl en decentrale overheden. Het gaat hierbij om de landelijke rapportages van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit  en de Grootschalige Concentratie en Depositiekaarten (GCN). Daarnaast gebruiken decentrale overheden de modellen voor regionale evaluaties van de luchtkwaliteit. 

Controleren van aannames
De metingen zijn belangrijk voor het controleren of aannames over de achtergrondconcentraties kloppen: maken we de juiste inschatting van stoffen die over zee of vanuit het buitenland komen aanwaaien? Het gaat hierbij om aannames die betrekking hebben op de uitstoot die van over de grens het land binnenkomt. We weten namelijk al veel over de uitstoot vanuit binnenlandse bronnen. 
Om deze reden zijn er alleen locaties geselecteerd met weinig uitstoot uit bronnen zoals auto’s, fabrieken, etc. Er komen nu vooral aan de grenzen van Nederland meetpunten bij. De deelnemende vrijwilligers wonen in het noorden en oosten van Nederland en in Zeeland, en dan vooral in plattelandsgebieden waar weinig verkeer is. 
De oude en nieuwe locaties van het NO2-buisjesmeetnet van het RIVM staan in de kaart. Alle stikstofdioxide-buisjes die er op de MAN-meetpunten erbij komen worden net als de ammoniakbuisjes maandelijks gewisseld door natuurbeheerders. De nieuwe vrijwilligers gaan de buisjes in hun tuin ook iedere maand wisselen. 

Thumbnail

De rode en roze driehoekjes laten de locaties zien waar de afgelopen jaren al NO2-buisjes hingen. De groene en lichtgroene driehoekjes geven de nieuwe locaties aan waar vanaf 2019 NO2-buisjes komen te hangen. De groene driehoekjes zijn locaties bij vrijwilligers die zich hebben gemeld bij samen meten. De lichtgroene driehoekjes zijn nieuwe NO2-buisjeslocaties in natuurgebieden waar ook al ammoniakmetingen worden gedaan met ammoniakbuisjes in het Meetnet Ammoniak in Natuurgebieden (MAN) .
De maandelijkse resultaten van het stikstofdioxide buisjesmeetnet komen beschikbaar in het dataportaal van de RIVM website Samen Meten. Ook wanneer u geen buisje in de tuin heeft hangen, kunt u dus kijken wat de meetwaarden zijn van buisjes in de buurt. De analyse van de stikstofdioxide-meetbuisjes duurt 3 tot 4 maanden. De meetwaarden van januari zijn dus rond april beschikbaar. Dit zijn dan nog ongevalideerde data. Na een jaar worden de meetwaarden gevalideerd. Dat betekent dat ze nog een klein beetje kunnen worden aangepast, en daarna staan ze definitief vast.


Metingen in steden

Het RIVM gebruikt ook metingen in steden voor het controleren van de modelberekeningen. Het is goed mogelijk dat we het netwerk van buisjes die stikstofdioxide meten hiervoor in de toekomst verder willen uitbreiden in gebieden met veel verkeer. Sommige steden, zoals Amsterdam, hangen al vol met dit soort buisjes.
Vaak worden die meetpunten ingericht door een gemeente, maar zij zijn ook geschikt voor citizen science projecten. Milieudefensie heeft bijvoorbeeld ook meetcampagnes gedaan met NO2-buisjes.  De jaargemiddelden van veel van deze buisjes zijn beschikbaar via NO2buisjes.nl

Correctie 30-11-2018

In een eerdere versie van dit artikel schreven we dat het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu de meetbuisjes plaatst in de tuinen van de deelnemers. Dit is niet correct. Het RIVM zendt maandelijks de meetbuisjes naar de deelnemers, de deelnemers zorgen zelf voor correcte plaatsing.