Op 14 oktober 2021 organiseerde de Data- en Kennishub Gezond Stedelijk leven een webinar over de nieuwe WHO advieswaarden voor luchtkwaliteit. Een divers gezelschap van experts van RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Universiteit Utrecht, GGD Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst en gemeente Utrecht gaven hier hun visie op deze nieuwe advieswaarden. 

Bert Brunnenkreef, Emeritus Hoogleraar Milieu-epidemiologie, is zelf betrokken bij het opstellen van de WHO advieswaarden. Hij gaf een inkijkje hoe de nieuwe advieswaarden tot stand zijn gekomen. De gezondheidseffecten waren hierbij leidend, niet de haalbaarheid van de nieuwe advieswaarden.  

Volgens Guus Velders, hoogleraar bij UU Universiteit Utrecht en RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, worden de nieuwe advieswaarden een enorme uitdaging. De prognoses voor 2030 laten zien dat we de advieswaarden in grote delen van Nederland nog niet gaan halen. 

Over de oplossingen waren de sprekers eensgezind: we moeten het met z’n allen doen en zoveel mogelijk zoeken naar dingen die positief zijn voor zowel luchtkwaliteit, gezondheid en klimaat. Voor NO2 betekent dit dat je vooral bij het verkeer moet ingrijpen. Denk hierbij aan bijvoorbeeld meer elektrisch vervoer. Voor fijnstof moet je veel meer sectoren aanpakken zoals landbouw, industrie, verkeer, maar ook bijvoorbeeld houtstook.  

Wiet Baggen van de gemeente Utrecht liet zien dat lokale maatregelen zoals een milieuzone vaak weinig directe impact hebben. Het vraagt om een aanpak van alle overheidslagen: van lokaal tot nationaal. Tegelijkertijd kan van lokale maatregelen een olievlekwerking uitgaan, benadrukte Marieke Dijkema, GGD Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst GHOR Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio. Een auto die een milieuzone niet in mag rijdt bijvoorbeeld ook niet meer naar deze stad toe. Bert Brunnekreef vatte het lange-termijndoel als volgt samen: zo weinig mogelijk dingen in de brand steken. 

infographic WHO: air pollution the silent killer